Vanaf 1 januari 2017 kunnen studenten jaarlijks 475 arbeidsuren (in plaats van 50 arbeidsdagen) tewerkgesteld worden tegen een voordelige solidariteitsbijdrage op voorwaarde dat de Dimona-aangifte tijdig is gebeurd. Daarmee mikt de regering op meer flexibiliteit voor student én werkgever. Maar welke praktische wijzigingen brengt deze maatregel concreet voor u met zich mee?
Dimona-aangifte in uren i.p.v. dagen
Tot eind 2016 werd het studentencontingent – de toegestane arbeidstijd – in dagen uitgedrukt. Zo mochten studenten per kalenderjaar max. 50 dagen werken tegen een voordelige RSZ-bijdrage. Op 1 januari 2017 wordt die limiet vervangen door 475 uren. In plaats van per kwartaal een aantal dagen aan te vragen, drukt u uw Dimona-aangifte voortaan in uren uit.
Dimona-aangifte te laat = volle pot RSZ
Doet u de Dimona-aangifte te laat of overschrijdt u het toegestane aantal uren, dan betalen zowel u als uw jobstudent(en) de volle pot RSZ. Tijdig uw Dimona-aangifte indienen is dus de boodschap! Concreet: vóór de aanvang van de prestatie.
Wat wordt er van u verwacht?

  • Voor studenten die nu al een contract hebben dat eindigt in de loop van 2017

De RSZ verplicht om ten laatste tegen 1 januari een nieuwe Dimona-aangifte te doen. Concreet houdt dat in dat u tegen uiterlijk 31 december 2016 een nieuw contract aanmaakt in Payroll. Dat kan door het bestaande contract te kopiëren of opnieuw in te voeren. Doet u de aangifte liever via een andere weg? Ook dan geldt de feitelijke deadline van 31 december.
Opgelet: doet u de Dimona-aangifte pas na 31 december, dan verliezen u én uw jobstudent het RSZ-voordeel.

  • Voor nieuwe studentencontracten vanaf 1 januari 2017

Voor nieuwe contracten moet u voortaan zeker tijdig een Dimona-aangifte doen. Anders vervalt ook voor hen de voordelige RSZ-bijdrage. Concreet: u registreert uw jobstudent vóór de aanvang van de prestatie – hetzij via Payroll, hetzij via een andere
 
bron : sdworx.com